In deze RTA wordt de samenwerking beschreven tussen huisartsen in de regio Zuid-Holland Noord en (vasculair) internisten van LUMC en Alrijne Ziekenhuis bij patiënten met manifest vaatlijden of een verhoogd risico hierop en/of DM2.
Hypertensie
• Hypertensieve crisis
• (Vermoeden) secundaire hypertensie
• Hoog-risicopatiënten met therapieresistente hypertensie langer dan zes maanden. (1)
Hypercholesterolemie
• Hoog-risicopatiënten met therapieresistente hypercholesterolemie langer dan 12 maanden (2)
• Familiaire hypercholesterolemie.
Nierschade
• (vermoeden van) Acute nierschade
• Vermoeden van een onderliggende specifieke nierziekte
• Sedimentafwijkingen
• Een ernstig verhoogde albuminurie (ACR > 30 mg/mmol) (3)
• Chronische nierschade met sterk verhoogd risico.
DM2
1. Een SDB >140 mmHg (patiënten van 65 jaar en ouder: >160 mmHg) ondanks gebruik van drie antihypertensiva van verschillende klassen (idealiter inclusief een diureticum) in adequate doseringen.
2. Niet bereiken streefwaarde LDL-c ondanks leefstijlaanpassing én adequate statinedosering, contra-indicatie voor statines of niet verdragen van statines.
3. Bij dalende tendens eGFR of stijgende tendens ACR in drie keer binnen een half jaar gemeten. Zie NHG-standaard Chronische nierschade.
Deze afspraken zijn conform ZorgDomein.
De patiënt kan na verwijzing bij de internist terecht bij:
Na terugverwijzen door de internist naar de huisarts ziet de huisarts de patiënt binnen de door de internist aangegeven termijn (zie Informatieoverdracht).
De internist start (of continueert) de voorkeursmedicatie conform de Multidisciplinaire richtlijn CVRM en/of DM2.
4De huisarts verwijst via Zorgdomein en (ook bij spoedverwijzing) volgens de criteria van HASP 2.0.
De internist schrijft de huisarts een ontslagbericht volgens de criteria van HASP 2.0.:
De internist schrijft de huisarts een tussenbericht:
In het bericht geeft de internist aan of deze acties van de huisarts verwacht, zoals:
4. Vooropgesteld moet worden dat de informatieoverdracht moet voldoen aan de zogenaamde HASP-richtlijn. Het verdient de aanbeveling dit format op te nemen in het EPD van de internisten.
Vraag of foutje gezien? Mail naar zorginhoud@rijnduin.nl.
Tobias Bonten, kaderhuisarts hart- en vaatziekten i.o.
Thoraya Smaal, kaderhuisarts diabetes.
Versie: maart 2025.
Het totale ketenzorgprogramma met daarin de transmurale afspraken is te downloaden vanuit de ZorgApp of op de Rijn en Duin website.
Laatste wijzigingen
4. De diabetesrichtlijn is aangepast in december 2024
In de vorige standaard (november 2021) waren aanbevelingen voor de behandeling van patiënten met zeer hoog risico (ZHR) beschreven. Dat zijn patiënten met DM2 en ischemische hart- en vaatziekte, hartfalen of chronische nierschade met matig of sterk verhoogd cardiovasculair risico.
In de nieuwste NHG-standaard zijn deze aangepast en er zijn nieuwe aanbevelingen voor het medicamenteuze stappenplan voor patiënten zonder zeer hoog risico opgenomen. Dit is gemiddeld 70% van de DM2 populatie.
De zorg voor patiënten met DM2 is de laatste jaren veranderd naar zorg op maat. Het gaat allang niet meer alleen om de behandeling van de suikers. Het gaat om de patiënt in zijn geheel met al zijn risicofactoren, gewoontes, co-morbiditeit en leefstijl. Dat maakt het ontzettend belangrijk dat de huisarts goed op de hoogte is van deze richtlijnen. De huisarts kent zijn patiënten het beste en is op de hoogte van het totale plaatje. Als regiehouder is de huisarts de aangewezen persoon om met ondersteuning van de POH-S het beste advies op maat te geven.
Sinds vorig jaar is het mogelijk om bij Rijn en Duin via VIPLive consultaties te doen bij de kaderhuisartsen DM2.
Belangrijkste wijzigingen NHG-standaard DM2:
5. De NHG standaard atriumfibrilleren is zoals eerder aangegeven aangepast. Dit is verwerkt in de transmurale afspraken.